Een kernthermometer is de snelste route naar een voorspelbare garing. Toch kan een verkeerde meting je enkele cruciale graden misleiden. De sensor zit meestal in het dunste deel van de punt; die moet in het thermische midden van de steak terechtkomen.
1. Van bovenaf meten
Bij een normale biefstuk is van bovenaf meten onnauwkeurig: je schiet gemakkelijk langs het midden. Steek de thermometer vanaf de zijkant in, parallel aan de plank, tot de punt het dikste deel bereikt.
2. Bot of pan raken
Bot en heet metaal geven een andere temperatuur dan het vlees. Voel je harde weerstand of weet je dat de punt de bodem raakt, trek hem dan iets terug en meet opnieuw.
3. Op één plek vertrouwen
Dikke steaks zijn niet overal even warm. Beweeg de punt langzaam door het midden en zoek de laagste stabiele meting. Dat is doorgaans het koelste deel dat nog moet doorgaren.
4. Pas meten wanneer de tijd om is
Begin eerder dan je denkt. Je kunt altijd verder garen, maar een doorgeschoten steak niet terugdraaien. Meet bij dun vlees snel en sluit de oven of barbecue bij dikke stukken meteen weer.
5. Carry-over cooking vergeten
Na het bakken stroomt warmte van de hete buitenkant naar de koelere kern. Haal het vlees daarom enkele graden vóór de gewenste eindtemperatuur van het vuur. Bekijk onze complete kerntemperatuurgids en de criteria voor een goede vleesthermometer.